Je kamer opzeggen: wat is je opzegtermijn, en hoe meld je het?
Je wilt verhuizen, en je vraagt je af hoe je van je huidige kamer af komt. Het antwoord is meestal: gewoon opzeggen, met de wettelijke termijn. Dit stuk gaat over jouw kant van opzeggen: wat je mag, hoe lang je termijn is, en hoe je het meldt. Onze andere stukken gaan over wanneer een verhuurder jóuw contract mag opzeggen; dat is een andere vraag, met andere regels.
Dit is algemene informatie, geen advies over jouw contract.
Je mag bijna altijd opzeggen
Het Burgerlijk Wetboek maakt onderscheid naar het soort contract.
Onbepaalde tijd. Onder onbepaalde tijd vallen de meeste kamers, waaronder een campuscontract en een kamer bij een hospita na de proeftijd. Artikel 7:271 lid 3 BW: "Een voor onbepaalde tijd aangegane of voor onbepaalde tijd verlengde huur kan door elk van beide partijen worden opgezegd tegen een voor de betaling van de huurprijs overeengekomen dag." Jij dus ook, op elk moment.
Tijdelijk, twee jaar of korter, voor een aangewezen groep. Dit is het contract dat sinds de regels van 1 juli 2024 nog is toegestaan voor specifiek genoemde groepen, zoals bepaalde studenten. Lid 2 van hetzelfde artikel geeft je uitdrukkelijk het recht om zo'n contract al vóór de einddatum op te zeggen: "De voor bepaalde tijd aangegane huur, bedoeld in de eerste volzin, kan door de huurder voor het verstrijken van de bepaalde tijd worden opgezegd tegen een voor betaling van de huurprijs overeengekomen dag." Je hoeft dus niet te wachten tot je contract afloopt.
Een langer tijdelijk contract, of tussenhuur met een diplomatenclausule. Hier geldt lid 1, en dat werkt andersom: opzeggen kan pas tegen een dag die niet vóór het einde van de looptijd ligt. De Rijksoverheid zegt het praktisch: "Heeft u een huurcontract van langer dan 2 jaar (met een einddatum)? Dan mag u de huur niet eerder opzeggen dan de einddatum." Voor tussenhuur geldt hetzelfde: "Een contract voor tussenhuur mag u niet vóór de einddatum opzeggen."
Je opzegtermijn
Artikel 7:271 lid 6 onder a BW geeft de termijn voor de huurder: "een termijn gelijk aan de tijd die tussen twee opvolgende voor betaling van de huurprijs overeengekomen dagen verstrijkt, doch niet korter dan een maand en niet langer dan drie maanden." Betaal je maandelijks, dan is je opzegtermijn precies één maand.
Volgens lid 8 is elk beding dat een langere termijn voor jou vastlegt nietig, en dat geldt ook voor elk beding dat de huur zonder opzegging laat eindigen. Je verhuurder kan dit dus niet in je nadeel veranderen, ook niet met jouw handtekening eronder.
Hoe je opzegt
De wet is hier strikter dan de praktijk. Lid 4 vraagt om een opzegging "bij exploot of bij aangetekende brief," dus via een deurwaarder of aangetekende post. Doe je dat niet, dan is je opzegging daarom nog niet ongeldig: lid 7 zegt dat zulke opzeggingen "gelden niettemin als waren zij gedaan tegen de voorgeschreven dag en met inachtneming van de voorgeschreven termijn."
De Rijksoverheid vertaalt dat naar een praktisch advies: "U zegt de huur op met een aangetekende brief aan uw verhuurder. U krijgt hiervan een ontvangstbewijs. U kunt ook opzeggen per e-mail of met een gewone brief. Dan is de opzegging geldig als u een bevestiging van ontvangst krijgt van de verhuurder." Een e-mail of gewone brief werkt dus, zolang je kunt aantonen dát en wanneer je hebt opgezegd. Vraag daarom altijd om een bevestiging, en bewaar die.
Staan jullie samen op één contract?
Dit is anders dan wanneer jij alleen huurt. Hebben jij en je huisgenoten samen één huurcontract getekend, dan zijn jullie volgens de Hoge Raad allemaal partij bij diezelfde overeenkomst: "Indien twee of meer personen gezamenlijk een huurovereenkomst met de verhuurder sluiten zijn zij [...] allen partij bij die overeenkomst" (HR 24 december 2021, ECLI:NL:HR:2021:1964). Jij kunt dan niet zomaar in je eentje voor je eigen deel opzeggen: de Hoge Raad ziet jullie als één partij aan die kant van het contract.
Werkt je verhuurder niet vrijwillig mee aan een oplossing, dan geeft de Hoge Raad een uitweg via de rechter. Naar analogie van artikel 7:267 lid 7 BW, dat oorspronkelijk voor andere situaties is geschreven, kan de rechter bepalen dat de huur voor wie vertrekt eindigt en voor wie blijft wordt voortgezet: "Aldus eindigt de huurovereenkomst ten aanzien van de vertrekkende huurder(s) op de door de rechter bepaalde dag [...] en wordt de huurovereenkomst ten aanzien van de achterblijvende huurder(s) voortgezet." Die uitspraak bindt de verhuurder, ook al is die zelf geen partij in die procedure. De wet laat wel een kortere weg toe: volgens lid 10 geldt heel artikel 7:271 niet zodra de huur eindigt "met wederzijds goedvinden nadat de huur is ingegaan." Wordt je verhuurder het met je eens, dan is er dus geen rechter nodig. Is je verhuurder het niet met je eens, dan is de rechter de route.
Wat we niet vonden
Een recente rechterlijke uitspraak specifiek over een geschil rond de opzegtermijn of de geldigheid van een opzegging door de huurder zelf hebben we niet gevonden. Dat zegt niets over hoe vaak het voorkomt, alleen dat we geen zaak konden citeren.
Zo pak je het aan
- Kijk welk contract je hebt. Onbepaalde tijd, of tijdelijk van twee jaar of korter voor een aangewezen groep: je mag nu al opzeggen. Langer tijdelijk contract of tussenhuur: wacht de einddatum af.
- Reken je opzegtermijn uit. Bij maandelijkse huur is dat één maand.
- Zeg schriftelijk op, per e-mail of brief, met de datum waartegen je opzegt.
- Vraag om een ontvangstbevestiging en bewaar die.
- Staan jullie samen op één contract? Overleg eerst met je huisgenoten en de verhuurder. Lukt dat niet, dan kan de rechter bepalen dat jouw deel van de huur eindigt.
- Regel je verhuizing bij de gemeente en, als je een borg had, lees ons stuk over je borg terugvragen.
Het korte antwoord
Je mag je kamer bijna altijd opzeggen: bij een contract voor onbepaalde tijd op elk moment, bij een tijdelijk contract van twee jaar of korter voor een aangewezen groep ook al vóór de einddatum. Alleen bij een langer tijdelijk contract of tussenhuur moet je wachten tot het afloopt. Je opzegtermijn is gelijk aan je betaaltermijn, met een minimum van één maand en een maximum van drie; bij maandelijkse huur dus één maand. De wet vraagt een aangetekende brief, maar een e-mail met ontvangstbevestiging werkt ook. Sta je samen met anderen op één contract, dan kun je niet zomaar alleen weg: dat lost zich op in overleg, of anders via de rechter.
Waar Vond past
Vond opent in Utrecht en begint met huisgenoten: je vindt eerst mensen met wie je wilt wonen, en zoekt daarna samen een plek. Huur je samen een hele woning op één contract, spreek dan vooraf af wat er gebeurt als een van jullie eerder wil vertrekken. Ons stuk over een huisgenoot zoeken in Utrecht gaat verder in op wat je daarvoor afspreekt.
Huurders betalen bij Vond niets. We geven geen juridisch advies over jouw opzegging. We verifiëren geen identiteit en raadplegen geen register, en er is geen verificatiebadge op Vond.